Startpagina

vrijdag 28 augustus 2015

De historie van het circus

Wegens dalende bezoekersaantallen gaf het wereldberoemde Amerikaanse circus Ringling Bros. and Barnum & Bailey Circus op 21 mei 2017 zijn laatste voorstelling. Het eerder failliet verklaarde Circus Herman Renz, het oudste circus van Nederland, heeft meer geluk gehad en heeft een doorstart kunnen maken. Tegenwoordig hebben veel circussen te kampen met dalende bezoekersaantallen. Dit was in vroegere tijden een ander verhaal.Het moderne circus stamt uit de achttiende eeuw en was toen een nieuwe vorm van amusement die veel publiek aantrok.





Het circus in de oudheid

Een Romeinse circusscène

Veel van de onderdelen die we vandaag de dag in het circus zien, zoals acrobatiek, gedresseerde dieren en clowns, gaan terug naar het oude Egypte en China. De oudste geschreven bronnen over acrobatiek en jongleren stammen uit het oude Egypte van 2500 voor Christus. In China traden jongleurs en acrobaten op voor het keizerlijke hof. De Grieken deden aan koorddansen. In het vroege Afrika deed men aan siricasi, een combinatie van folkloristische dansen en acrobatiek.

Circus betekent in het Latijn cirkel of ring. Het Romeinse circus was echter in het geheel niet te vergelijken met het hedendaagse circus. Het evenement was in de loop der tijd van een sportevenement waarin soldaten het tegen elkaar konden opnemen in spierkracht en uithoudingsvermogen, in een bloedig spektakel veranderd. Naast de wagenraces, acrobatiek en worstelwedstrijden vonden er gevechten tussen dieren en mensen en gladiatorengevechten plaats. De meeste mensen en dieren die in het circus optraden, kwamen er niet levend vandaan. Hoe wreder en bloediger het spektakel, hoe populairder het was. Eén van de grootste circussen was het Circus Maximus dat bijna 1000 jaar heeft bestaan. Onder keizer Nero bereikte de wreedheid zijn hoogtepunt. Na de val van het Romeinse Rijk verdween deze vorm van amusement. Desondanks zijn tradities zoals het dresseren van dieren en de parade voor het begin van de voorstelling van de Romeinen afkomstig.   

Een rondtrekkende dansende clown. en muzikant.




Vanaf de vroege middeleeuwen


Er was nog geen sprake van een georganiseerde vorm van amusement. Het ging om individuen en kleine groepen die optraden en door Europa, Azië en Afrika trokken. Ze verschenen overal waar zich veel mensen verzamelden, zoals op marktplaatsen, feestdagen en bij edellieden thuis. Vanaf de zevende eeuw tot de middeleeuwen was de jaarmarkt een plaats waar veel artiesten kwamen om al hun kunsten te vertonen, zoals jongleren, beren temmen en vuurspuwen.



Het moderne circus


Het circus zoals we het nu kennen is in het achttiende-eeuwse Engeland ontstaan. De vertoning van paardrijkunsten was toen erg populair. Philip Astley, een oud sergeant-majoor van de cavalerie en een zeer goede paardendresseur, ontdekte dat als hij met zijn paard in een cirkel galoppeerde, hij door de centrifugale krachten (die zorgen ervoor dat een voorwerp in een cirkel blijft bewegen in de richting van het middelpunt)schijnbaar onmogelijke kunstjes kon doen.

De piste werd al veel langer door paardendresseurs gebruikt, maar Astley had de ideale piste bedacht die zowel voor een optimale veiligheid van de ruiter zorgde als een goed zicht voor het publiek. Zijn eerste piste had een doorsnede van 19 meter. Later maakte hij gebruik van een piste met een doorsnede van 13 meter. Deze is nu nog steeds de internationale standaard van de hedendaagse circussen. Op 9 januari 1768 nodigde hij publiek uit om naar zijn optreden te kijken. Tijdens het optreden zwaaide hij met zijn zwaard, terwijl hij met één voet op het zadel en één voet op het hoofd van het paard stond.

Hij ontving veel positieve reacties op zijn optreden. Hij huurde vervolgens ruiters, musici en een clown (Mr. Merryman) in. In 1770 bouwde hij een dak boven zijn piste en noemde het bouwwerk, dat vlakbij het Westminster Bridge stond, het Astley’s Amphitheatre.
Astley's Amphitheatre

In Frankrijk toonde hij zijn dressuurkunsten aan koning Lodewijk XV en vestigde in 1782 op de plaats die nu Place de la République heet een permanent circus dat de naam Astley’s Amphitheatre Anglais kreeg. Toen de Franse Revolutie uitbrak, vertrok hij uit Frankrijk en werd het circus door de Italiaan Antonio Franconi (een Venetiaanse edelman) overgenomen. Franconi's zonen, hun vrouwen en kinderen volgden hem uiteindelijk op. De familie Franconi wordt nog steeds gezien als de oprichter van het Franse circus. Toen Napoleon in 1802 aan de macht kwam, nam Astley het circus weer over. De familie Franconi bouwde hierna een ander circus.

In Londen bouwde Charles Hughes in 1782 het Royal Circus tegenover Astley's Amphitheatre, naar het Latijnse woord circus dat de Romeinen vroeger gebruikten. In de negentiende eeuw werd de term circus de algemene benaming voor deze nieuwe vorm van amusement. Naast zijn circus in Londen, vestigde Astley uiteindelijk nog 18 circussen in heel Europa. Hij stierf in 1814.

Vernieuwingen


Exotische dieren

In de negentiende eeuw werden exotische dieren steeds populairder. In het begin waren er nog geen dierentuinen en werden wilde dieren door particuliere eigenaars in groepjes gehouden en tentoongesteld op markten en andere publieke plaatsen. Uiteindelijk werden in Engeland en Frankrijk tijgers, leeuwen en olifanten in het circus geïntroduceerd. Eerst werden ze alleen tentoongesteld, later werden ze gedresseerd om kunstjes te vertonen. Een circus telde niet meer mee als het niet tenminste één olifant had.

De circustent

De Verenigde Staten werden de leider op het gebied van de circusinnovaties. In 1825 werd in de VS voor het eerst de circustent geïntroduceerd door J. Purdy Brown. Hij was de eerste die met zijn circus in een canvastent optrad en ermee rondreisde. Dit had grote gevolgen voor de circuswereld, aangezien men nu ook bij slecht weer kon optreden en dus niet meer seizoensgebonden was. De Britse paardendresseur Thomas Cooke nam als eerste een circustent vanuit Amerika naar Europa mee. Hiervóór waren circussen in Europa in een permanent gebouw gevestigd. Daar kwam nu verandering in.

P.T. Barnum

De Amerikanen P. T. Barnum en William Cameron Coup richtten het P. T. Barnum's Museum, Menagerie & Circus op. Dit was een combinatie van een reizend circus met een rariteitenkabinet en een freakshow waarin mensen met lichamelijke gebreken, bijzondere lichamelijke kenmerken, ziektes of aandoeningen werden tentoongesteld. Door P.T. Barnum werden freakshows razend populair. Na zijn dood werd het circus overgenomen door James Anthony Bailey. Deze reisde van 1897 tot 1902 door Europa met Barnum & Bailey's Greatest Show On Earth en maakte veel indruk met de enorm grote de tent, een speciale circustrein als vervoermiddel en de combinatie van de tentoonstelling van exotische dieren, de freakshow en de circusnummers.

Rond de twintigste eeuw werd deze grootschaligheid overgenomen door Europese circuseigenaren. De clown nam van oudsher een prominente plaats in bij het circus. Dit veranderde toen de tenten veel groter werden. Het geluid van spraak droeg namelijk niet zo ver in een grote tent. De podiumattributen werden hierdoor veel belangrijker. De paardendressuur kreeg minder aandacht en werd vervangen door gevaarlijke en gewaagde acrobatische kunsten.


Drie belangrijke innovators van het circus waren de Italiaan Giuseppe Chiarini en de Fransen Louis Soullier en Jacques Tourniaire. Zij introduceerden het circus voor het eerst in Zuid-Amerika, Australië, Zuidoost Azië, China, India, Zuid-Afrika en Rusland. De Fransman Louis Soullier was de eerste die in 1866 Chinese acrobaten introduceerde toen hij terugkwam van zijn reizen.




De twintigste en eenentwintigste eeuw

In Nederland was Circus Herman Renz (Ras Echte Nederlandse Zwervers) het langst bestaande circus. Het bestond vanaf 1911 en werd opgericht door Arnold van der Vegt. 

In de jaren zestig en zeventig van de twintigste eeuw begon de populariteit van het circus te dalen. Mensen zochten andere vormen van amusement op. Veel circussen konden blijven voortbestaan door samen te gaan.

De Nederlandse circuscultuur is in 2013 aangemerkt als Immaterieel Cultureel Erfgoed .

Cirque du Soleil

Cirque Nouveau

In de jaren zeventig kwam er een ontwikkeling op van circussen die geen dieren gebruikten en moderne invloeden met oude invloeden combineerden. Deze ontwikkeling heet het Cirque Nouveau of het Nieuwe Circus. De aandacht ligt hier meer bij de belichting, het verhaal, de persoonlijke karakters, originele muziek en het kostuumontwerp. Een bekend voorbeeld hiervan is het Cirque du Soleil dat in 1986 in Québec (Canada) werd opgericht.

Wilde dieren

Het gebruik van wilde dieren zorgt de laatste jaren voor veel controverse. Veel mensen vinden het niet meer van deze tijd om wilde dieren in het circus te gebruiken. Het wordt gezien als een aantasting van het dierenwelzijn. Vanaf 15 september 2015 mogen circussen in Nederland daarom niet langer met wilde(zoog)dieren rondreizen of optreden.

Lees ook:



--------------------------------------------------------------------
Bronnen en afbeeldingen:
  • Inleiding: Trapeze artists in circus, lithograph by Calvert Litho. Co., 1890.
  • Foto van een Romeinse circus scène van mozaiek : © Ad Meskens / Wikimedia Commons
  • Clown en muzikant: English Elizabethan clown Will Kempe dancing a jig from Norwich to London in 1600
  • Astley’s Amphitheatre 1808
  • Affiche van Barnum &Baily uit 1899
  • Temster in kooi: Chromolithograph by Gibson & Co., Cincinnati, Ohio, copyrighted 1874. , https://www.flickr.com/photos/trialsanderrors/
  • Foto Cirque du Soleil: https://www.flickr.com/photos/derekskey


Geen opmerkingen:

Een reactie posten