Startpagina

donderdag 3 november 2016

B.B. King: de koning van de blues

De legendarische blueszanger en gitarist Riley B. King, vooral bekend als B.B. King, overleed op 14 mei 2015 op 89-jarige leeftijd in Las Vegas. Zijn gitaarspel was zeer karakteristiek en herkenbaar, hij had een fladderende manier van spelen, wat hij "the butterfly" (de vlinder) noemde en een diepe resonante stem. Hij was meer dan 60 jaar jaar actief in het muziekvak en inspireerde vele muzikanten, waaronder Albert King, Jimi Hendrix, Eric Clapton, Jeff Beck, de Beatles, Stevie Ray Vaughan, Bonnie Raitt en John Mayer.





B.B. Kings jeugdjaren
Riley Ben King werd op 16 september 1925 geboren op een katoenplantage in Mississippi, vlakbij Indianola. Zijn ouders, Albert en Nora King, waren arme pachters. Hij kwam voor het eerst met muziek in aanraking via de gospelmuziek in de kerk. Als kind zong hij in kerkkoren en leerde de basis van het gitaarspelen van de predikant Archie Fair. Geïnspireerd door predikant Fair, wilde Riley King een gitaarspelende prediker worden. Hij richtte met zijn neef en twee vrienden een gospelgroep op, the Elkhorn Jubilee Singers. Uiteindelijk zouden de blues echter een sterkere invloed op hem uitoefenen. Hij maakte zijn eerste éénsnarige gitaar van een bezem en draad tot hij op twaalfjarige leeftijd zijn eerste gitaar voor 15 dollar kocht. Hij luisterde vaak naar muziek bij zijn tante Mima die een fonograaf had en raakte zo geïnspireerd door T-Bone Walker, Lonnie Johnson, Blind Lemon Jefferson en jazzgitaristen Django Reinhardt en Charlie Christian.

B.B. King in Audimax in Hamburg
Hij had een harde jeugd. Hij kreeg les op een school met maar één klaslokaal (the Elkhorn School) en stotterde. Zijn ouders scheidden toen hij 4 jaar oud was. Zijn moeder verhuisde hierna naar Kilmichael en de jonge Riley groeide voornamelijk bij zijn grootmoeder op. Zijn moeder stierf toen hij 9 jaar oud was. Zijn vader wilde dat Riley bij zijn nieuwe vrouw en kinderen zou komen wonen, maar Riley besloot om bij zijn grootmoeder te blijven. Op veertienjarige leeftijd stierf zijn grootmoeder, waarna hij naar zijn vader verhuisde. Hij kreeg echter heimwee en keerde terug naar de boerderij van zijn grootmoeder. De daarop volgende jaren leefde hij alleen en verdiende geld met het plukken van katoen.

In 1942 besloot Riley om weer te verhuizen, dit keer naar de Mississippi Delta, om te werken en te zingen. In 1943 ging hij het leger in, maar werd al snel weggestuurd, omdat hij een tractor kon besturen, wat als een belangrijke vaardigheid werd gezien aan het thuisfront. Hij kreeg al snel een baan als tractorbestuurder. Hij vormde ondertussen een nieuwe zanggroep, The Famous St. John's Gospel Singers. Zijn aandacht verschoof echter steeds meer naar de blues. Hij trad op straathoeken op en bezocht soms wel 4 steden per dag. Hij ontdekte dat hij met de blues veel meer geld kon verdienen dan met gospelmuziek en keerde, niet geheel zonder schaamte, de gospelmuziek de rug toe: Gospelmuziek werd toentertijd door veel diepgelovige christenen als duivelsmuziek beschouwd. Hij zou nooit meer naar de kerk terugkeren. In 1946 trouwde hij met zijn eerste vrouw, Martha Denton. Nadat hij een tractor had beschadigd, besloot hij uit angst voor de reactie van zijn werkgever met zijn gitaar naar Memphis te liften.


De Beale Street Blues Boy
De Sun Studio van
 Sam Philips in Memphis
In Memphis verbleef Riley King bij zijn neef, blueszanger en gitarist Bukka White. Bukka White leerde hem de kneepjes van het vak. Riley noemde zichzelf de Beale Street Blues Boy, in het kort B.B. Hij kreeg in 1948 bekendheid door zijn optreden in de radioshow van Sonny Boy Williamson II. Hij kreeg een vast radioprogramma op radiostation WDIA en groeide hierdoor snel in populariteit. Hij veranderde zijn naam van Beale Street Blues Boy in Blues Boy King en uiteindelijk in B.B. King.

B.B. Kings rijzende populariteit
B.B. Kings populariteit steeg met zijn eerste opnames. In 1949 debuteerde hij via Bullet Records met Miss Martha King. Veel van zijn eerste platen zijn opgenomen door RPM Records. Sam Phillips, de latere oprichter van Sun Records, was de producent van veel zijn vroegere platen. Zijn eerste hitplaat had hij in 1951 met Three O’clock Blues. Deze stond vier maanden lang in de hitlijsten. Hij toerde de tien daaropvolgende jaren door het zuidoosten van de VS en trad in vele Afro-Amerikaanse clubs op. Zijn vele optredens leidden in 1952 tot de scheiding van zijn eerste vrouw, Martha Denton. Dit inspireerde hem tot het nummer Woke Up This Morning.

 Lucille
Gitaar Lucille
In het midden van de jaren vijftig trad B.B. King op een dansfeest op in Twist, Arkansas. Een paar fans stichtten brand, waarop. B.B. King het gebouw uit vluchtte en zijn gitaar vergat. Hij ging met gevaar voor eigen leven terug om zijn gitaar van 30 dollar te halen. Later hoorde hij dat de brand was ontstaan, doordat twee mannen hadden gevochten om een vrouw die Lucille heette. Ze hadden tijdens het gevecht een aangestoken vat met petroleum die als kachel diende, omgestoten. De twee mannen kwamen om bij de brand.

B.B. King besloot zijn gitaar Lucille te noemen om zichzelf eraan te herinneren om nooit zoiets doms te doen. Elke gitaar die hij hierna had, noemde hij Lucille. Hij heeft ook een nummer met de titel Lucille geschreven waarin hij over zijn gitaar praat en beschrijft hoe deze aan zijn naam komt. Hij speelde meestal op gitaren van het model Gibson ES-355. In 1980 lanceerde de Gibson Guitar Corporation zelfs het B. B. King Lucille model. Dit model werd van 1980 tot 1985 verkocht.


Zijn eerste en latere Grammy Awards
In 1970 ontving B.B. King zijn eerste Grammy Award voor Best R&B Vocal Performance Male voor het nummer The Thrill is Gone. Zijn inspiratiebron voor dit nummer was de scheiding van zijn tweede vrouw, Sue Hall in 1966. In de loop van de jaren werd hij voor 30 Grammy's genomineerd, waarvan hij er 15 verzilverde. In 2000 won hij twee Grammy's: één samen met Eric Clapton voor Best Traditional Blues Album voor het album Riding with the King en één samen met Dr. John voor Best Pop Collaboration with Vocals voor het nummer Is You Is, or Is You Ain’t (My Baby). Zijn laatste Grammy ontving hij in 2009 voor Best Traditional Blues Album voor het album One Kind Favor.

B.B. Kings bekendheid bij het witte publiek
Crossroads Festival 2010 - BB King & Eric Clapton
Alhoewel hij razend populair was bij het de Afro-Amerikaanse publiek, was B.B. King tot 1965 onbekend bij het witte publiek. Hier kwam verandering in toen Elektra Records in 1965 een plaat van Paul Butterfield uitgaf, waarop Mike Bloomfield op de gitaar speelde. Toen Mike Bloomfield gevraagd werd hoe hij zo had leren spelen, vertelde hij dat hij B.B. kopieerde. Toen men vroeg wie B.B. dan wel was, antwoordde hij: Het echte monster, B.B. King. Hierna werd B.B. King ongekend populair bij het witte publiek en The Thrill Is Gone werd een grote hit. B.B. King speelde hierna niet meer in kleine zwarte clubs, maar in grote zalen. In 1969 verscheen hij voor het eerst op televisie in The Tonight Show van Johnny Carson en in 1971 trad hij op in de show van Ed Sullivan. B.B. Kings eerste optreden in Nederland was op 21 januari 1968 in het Concertgebouw van Amsterdam.

De legende B.B. King
B.B. King ontving vele prijzen en onderscheidingen. In 1984 kreeg hij als één van de eersten een plaats in Blues Foundation Hall of Fame en in 1987 in The Rock and Roll Hall of Fame. In de jaren tachtig werd er diabetes type 2 bij B.B. King geconstateerd. Hij bleef tot ver in de tachtig optreden in binnen- en buitenland. Zijn laatste optreden in Nederland was op het North Sea Jazz 2011 en in 2012 heeft hij voor het laatst in de Benelux opgetreden op het Blues Peer festival in Peer, België.

Het B.B. King Museum
In april 2015 werd hij voor een paar dagen in het ziekenhuis opgenomen, vanwege uitdrogingsverschijnselen door de diabetes. In mei van hetzelfde jaar plaatste B.B. King een bericht op Facebook waarin hij vertelde dat hij ongeneeslijk ziek was en thuis werd verzorgd. Op 14 mei 2015 maakte zijn advocaat bekend dat hij vredig in zijn slaap was gestorven. Op zijn verzoek werd B.B. King in zijn geboortestreek Mississippi begraven, bij het B.B. King Museum dat in 2008 ter ere van hem was opgericht. President Barack Obama en oud-president Bill Clinton stuurden ieder een brief die hardop werd voorgelezen op de begrafenis. President Obama schreef dat de blues zijn koning verloren was en Amerika een legende.


Geen opmerkingen:

Een reactie posten