maandag 26 september 2016

Het onderwijs in het verre verleden

Sinds 1900 kent Nederland de leerplicht. Sindsdien kunnen mensen uit alle lagen van de bevolking onderwijs genieten en is het niet alleen maar voorbehouden aan een kleine welvarende groep. Zeer lange tijd was dit echter wel het geval. Karel de Grote bracht hier als eerste verandering in. In dit artikel wordt het onderwijs in het verre verleden, vanaf het oude Mesopotamië (3000 jaar v. Chr.) tot de vroege Middeleeuwen (500 tot 900 na Chr.) besproken.




Mesopotamië

Sumerisch kleitablet
Uit Sumerische geschriften uit Mesopotamië blijkt dat er rond 3000 v. Chr. al scholen voor schriftgeleerden waren. Een school werd Eduba genoemd. Er zijn schoolteksten in Schuruppak (in het huidige Irak) gevonden. De kinderen gingen vanaf 5 jaar naar school. De meerderheid van de leerlingen waren jongens, hoewel er soms ook meisjes naar school werden gestuurd om schriftgeleerde te worden. Uit de geschriften blijkt dat er onderwijs werd gegeven in rekenen, tekenen en de Sumerische taal. Door archeologische vondsten van kleitabletten denkt men dat onderwijs op kleine schaal voorkwam, voornamelijk in particuliere huizen. Vooral welvarende mensen konden hun kinderen namelijk naar school sturen. De Sumerische taal werd grotendeels geleerd via verhalen. De leerlingen kregen ook wiskunde, waaronder simpel rekenwerk, meetkunde en algebra. Aangezien in Mesopotamië handel en economie heel belangrijk waren, was les in wiskunde een noodzaak. De laatste fase van het onderwijs bestond uit lessen in het opstellen van handelscontracten en andere zakelijke documenten. De gemiddelde Mesopotamiër was analfabeet en vertrouwde op een schriftgeleerde om zijn brieven te lezen en te schrijven. Rijken hadden hun eigen schriftgeleerde in dienst.


Het oude Egypte

Een Egyptische schriftgeleerde
In het oude Egypte was het onderwijs eveneens voorbehouden aan de welvarenden. De meeste leerlingen waren jongens. Meisjes genoten bij hoge uitzondering onderwijs. De meeste meisjes werden voorbereid op het moederschap en op het zijn van een goede echtgenote. Sommige meisjes konden dansers, wevers of bakkers worden. Alleen dochters van rijke edelen kregen les in lezen of schrijven. De kinderen die naar school gingen werden opgeleid tot schriftgeleerden. Ze gingen op de leeftijd van 4 tot 15 jaar naar school. Een schriftgeleerde genoot hoog aanzien en kon priester of beambte worden. Er werd lesgegeven in schrijven, wiskunde, aardrijkskunde, geschiedenis, astronomie, schilder- en beeldhouwkunst en sport. Lijfstraffen waren normaal. Kinderen van ouders met de hoogste status kregen een vervolgopleiding op speciale scholen die zich in tempels en overheidsgebouwen bevonden. Ze kregen daar onderwijs in "De leer van de Wijsheid". Dit hield in dat ze les in ethiek, rechtvaardigheid, gehoorzaamheid en matigheid kregen.

De meerderheid van het volk was boer of handarbeider. De kinderen gingen niet naar school, moesten hun ouders bij het werk helpen en traden in hun voetsporen.


Het oude Griekenland

In het oude Griekenland was het onderwijs wederom een zaak van de rijke elite. Arme kinderen hielpen hun ouders met het werk en volgden zo hun ouders op. Er was geen leerplicht. Meisjes mochten geen onderwijs volgen en leerden van hun moeder om hun vader en later hun echtgenoot te dienen. Slaven, vrouwen en kinderen waren geen burgers in de Griekse maatschappij.

Aangezien Griekenland geen eenheid was, maar uit verschillende stadstaten bestond, verschilde het onderwijs per regio:

Sparta
Sparta was erg gericht op de krijgskunsten. De jongens werden tot goede krijgers opgeleid. Ze werden op de leeftijd van 7 jaar uit huis gehaald en naar staatsinternaten gestuurd. Op hun achttiende jaar moesten ze volleerde krijgers zijn. Het onderwijs bestond voor het grootste deel uit sport. Er werd elke dag gemarcheerd, geworsteld en gerend. Ze leden ook vaak honger. Daarnaast werd er lesgegeven in lezen, schrijven, literatuur en muziek. Meisjes leerden ook vechten om zo hun stad te kunnen verdedigen als hun mannen er niet waren. Daarnaast heerste het idee dat fitte vrouwen gezonde baby's krijgen. Vrouwen in Sparta hadden veel meer vrijheid dan vrouwen in Athene.

Athene
Een Griekse
muziekleraar

In Athene kregen de de jongens vanaf de leeftijd van 7 jaar algemeen onderwijs. Ze kregen thuis les. Ze leerden hoofdzakelijk alles uit hun hoofd en werkten niet met boeken. Ze moesten op een schrijfplankje of papyrus schrijven. De leerkrachten genoten geen hoog aanzien en kregen daarom slecht betaald.

Sport en fysieke fitheid waren heel belangrijk in het oude Griekenland. Lichamelijke opvoeding was van belang voor de strijd, het uiterlijk, de gezondheid en het bereiken van een hoge ouderdom. Muziek en dans namen ook een hele belangrijk plaats in. Aangezien er nog geen notenschrift bestond, moesten de leerlingen alles naspelen. Zang stond samen met sport in hoog aanzien en er werd veel aan zangwedstrijden meegedaan. Op de leeftijd van 15 gingen de rijke jongens naar het voortgezet onderwijs waar ze les van filosofen kregen en leerden te debatteren.



Het Romeinse Rijk

Aan het begin van het Romeinse Rijk werd de educatie van kinderen geheel aan de ouders overgelaten. Van jongens werd verwacht dat ze in de voetsporen van hun vaders traden en van meisjes werd verwacht dat ze hun moeders voorbeeld volgden.
Lezend Romeins meisje

Naar Grieks voorbeeld namen rijke ouders rond 250 v. Chr. privéleraren aan die lesgaven op informele scholen. De kinderen kregen de hele dag les van dezelfde leraar, van zonsopgang tot laat in de middag. De leraren waren vaak Griekse slaven en werden niet hoog gewaardeerd. Ze kregen slecht betaald.

Tegen het einde van het Romeinse Rijk kwam er lager onderwijs en voortgezet onderwijs. Vanaf de leeftijd van 7 jaar gingen jongens en meisjes naar de basisschool waar ze leerden lezen, schrijven en rekenen. De scholen leken op winkels met een open voorkant. Op de leeftijd van 12 jaar kregen de meisjes geen onderwijs meer. De jongens waarvan de ouders het zich konden veroorloven, gingen naar het voortgezet onderwijs. Bij het voortgezet onderwijs lag de nadruk op de Griekse en Latijnse literatuur. Aan het eind van de eerste eeuw na Chr. werd het normaal dat er les in Retorica (de kunst van het overtuigend spreken en schrijven) werd gegeven. Het doel was om goede sprekers voort te brengen.


De vroege Middeleeuwen

Groeiende invloed van de Kerk
In de vroege Middeleeuwen, aan het einde van de Romeinse tijd, kreeg de Kerk steeds meer invloed. In de 6e eeuw na Christus werden alle "heidense" scholen gesloten. De kerken en kloosters namen het onderwijs over en hierdoor werd het onderwijs uitsluitend religieus van aard. Bisschoppen en monniken gaven de kinderen van de hoge klassen les. Niet alleen om jongens te leren lezen en schrijven, maar ook om ze te bekeren tot het christendom. Latijn werd de voertaal. Lijfstraffen waren heel normaal.

Door het feodale systeem kregen de horigen en boeren nauwelijks kans om onderwijs te genieten. Het systeem zat zo in elkaar dat de horigen en boeren analfabeet bleven. Zo kenden ze hun plaats. In steden konden ze hooguit leerling worden bij een Gilde. Boeren werkten hun hele leven op de boerderij.

In 750 na Chr. werd door een Engelse monnik, Gregorius, in Nederland één van de eerste scholen opgericht. Deze kloosterschool was bedoeld om jongens op te leiden om het geloof te verspreiden.



Karel de Grote
De vorst Karel de Grote heerste van 768 tot 814 over het Frankische Rijk. Hij was een groot voorstander van de ontwikkeling van het onderwijs. Hij vond het belangrijk dat iedereen zijn wetten kon lezen en tot het christelijke geloof bekeerd zou worden. Als gevolg hiervan voerde hij in 789 na Chr. enkele onderwijswetten in. Hij deed de aanbeveling dat in alle bisschopssteden scholen zouden moeten worden gesticht. Alle jongens in deze kloosterscholen moesten leren lezen, schrijven, bidden en zingen. Of er veel jongens gebruik van maakten is de vraag, aangezien de meesten hun ouders met het werk moesten helpen. Hij zorgde er in ieder geval voor dat het onderwijs voor iedereen beschikbaar werd.


Lees ook: School van verleden tot heden: van Tablethuis tot iPadschool
______________________________________________________________________

Bronnen:

  •       Foto van Sumerische kleitablet: fotograaf Marie-Lan Nguyen, http://commons.wikimedia.org/wiki/User:Jastrow,     [CC BY 2.5 (http://creativecommons.org/licenses/by/2.5)],  via Wikimedia Commons
  •       Foto Egyptische schriftgeleerde: Door Sailko (Eigen werk) [CC BY-SA 3.0 (http://creativecommons.org/licenses/b  y-sa/3.0)], via Wikimedia Commons
  •       Foto van een muziekleraar: Door Lyre_teacher_Petit_Palais_ADUT00317.jpg: © Marie-Lan Nguyen / Wikimedia  Commons derivative work: Proclos (Overleg) (Lyre_teacher_Petit_Palais_ADUT00317.jpg) [CC BY 2.5 (http://creativecommons.org/licenses/by/2.5)], via Wikimedia Commons
  •       Foto van een lezend Romeins meisje: door Marie-Lan Nguyen (User:Jastrow), 2008-04-11) [CC BY 2.5 (http://creativecommons.org/licenses/by/2.5)], via Wikimedia Commons
  •       Foto van Buste van Karel de Grote:    door Beckstet (Own work)         [CC BY-SA 3.0 (http://creativecommons.org/licenses/by-sa/3.0) or GFDL (http://www.gnu.org/copyleft/fdl.html)], via Wikimedia Commons

Geen opmerkingen:

Een reactie posten